Zoeken
Menu
StudieMatch

Het liefst zouden wij alleen praktijklessen krijgen.

Wie begint op het vwo stroomt later meestal door naar een universitaire studie. Zo niet Marnix Ritse (20) en Sanne Bokhorst (21). Zij bakken liever dan dat ze blokken. Al is de opleiding Zelfstandig werkend bakker bij het Zadkine Brood & Banket College zeker geen gesneden koek. 

Na drie keer haar vwo-examen te hebben gedaan, had Sanne haar diploma. Ze moest er niet aan denken om nog een paar jaar met haar neus in de boeken te zitten.  

“Ik wilde altijd al liever iets met mijn handen doen. Glutenvrije taartjes bakken bijvoorbeeld of veganistische koekjes zonder geraffineerde suiker. Wanneer mensen wel eens vragen wat zou je doen met een miljoen?, zeg ik altijd: mijn eigen banketbakkerswinkeltje beginnen aan de Amsterdamse grachten.” 

Marnix had tijdens zijn middelbare school al de buik vol van studeren. Hij stapte van 4 vwo over naar de havo, waar hij zijn diploma haalde. Ook hij ging liever voor boter en beslag dan een bachelor. 

“Even twijfelde ik of ik niet beter de koksopleiding kon gaan doen, maar bakken spreekt mij meer aan dan koken. Juist omdat het zo’n secuur werkje is. Anders dan bij koken, waarbij ook veel gevoel komt kijken, moet je een recept heel precies volgen om het juiste resultaat te krijgen.” 

Omdat zowel Sanne als Marnix minimaal havo hebben, kunnen ze de opleiding in twee jaar volgen in plaats van drie jaar. Omdat ze dan ook een stage zouden mislopen, besloten ze dat beiden niet te doen. Hoewel studenten sowieso al acht uur per week praktijkles krijgen in de brood- en banketbakkerij op school, zijn de stages de kers op de taart. Twee stages hebben ze inmiddels achter de rug. 

Marnix: “Mijn eerste stage liep ik bij Bakkerij Vroeg, waar ik ook echt om 3.00 uur ’s ochtends paraat moest staan en tot 12.00 uur ’s middags volop aan het knallen was. De tweede bij Das Brot, waar ik veel heb geleerd over het bereiden van echt desembrood.”

Sanne vertrok in diezelfde periode eerst naar Texel, waar ze vanuit een caravan op de camping onder andere gebak maakte voor de veerpont naar het vasteland. Ook leerde ze er de beroemde Texelse koek maken, gebakken in de vorm van het eiland en gevuld met een dikke laag amandelspijs.  

Daarna liep zij stage bij Sharp Sharp, waar ze plantaardig leerde bakken, zonder gluten en geraffineerde suikers. “Echt een feestje om ook op die manier te leren bakken. Op school werken we toch vooral met bloem, boter, suiker en eieren.” 

Wat erg gaaf is, is dat de producten die we in de les maken verkocht worden in ’t Winkeltje op het Benthemplein”, vervolgt Marnix. “Je staat een week per jaar zelf in ‘t Winkeltje. Altijd leuk om te zien wanneer juist jouw kokosmakroon als eerste over de toonbank gaat.” 

“Leuker dan lessen over voorraad en beheer, of plannen en organiseren”, voegt Sanne daaraan toe. “Het schijnt er overigens een beetje bij te horen als brood- en banketstudent dat je daarover klaagt. Als wij het voor het zeggen hadden, dan zouden we alleen maar praktijklessen krijgen”, zegt ze lachend. 

“Al is het misschien ook wel handig om iets van presentatie, hospitality of - vooruit - voorraad en beheer te weten”, erkent ze. “Dat heb ik wel nodig als die leuke bakery aan de Amsterdamse grachten er van komt.”